H 10: het toekomstwiel

Zoals wij in H 3 zagen, bestaat de sociale werkelijkheid uit een groot aantal elkaar deels overlappende en onderling beïnvloedende complexe adaptieve systemen. In die systemen is bijna altijd sprake van een groot aantal onderlinge relaties en verbanden en zelfs terugkoppelingen. Dat maakt het zo moeilijk om betrouwbare langere termijn voorspellingen te doen over veranderingen in die systemen.

Denk bijvoorbeeld eens aan de verdere digitalisering. Je kunt je allerlei mogelijke toepassingen van nieuwe technologie voorstellen. Van elektronische sensoren op of in de huid tot aan hersenimplantaten, of van betalen met je stem tot aan bitcoins en van 3D geprint voedsel tot vertical farming. Maar welke zullen nu realiteit worden? En wanneer? En welke gevolgen zal dat dan weer hebben voor de manier waarop wij onze samenleving hebben georganiseerd? 

Om al deze mogelijke gevolgen in kaart te brengen, beschikt de futuroloog over verschillende instrumenten.   Een eenvoudig maar heel effectief instrument om de verbanden binnen zo’n systeem in beeld te brengen is het toekomstwiel of ook wel impactwiel genaamd. Het instrument doet denken aan een mindmap, zowel wat werkwijze als wat vorm betreft. 

Een toekomstwiel gaat uit van een te onderzoeken verschijnsel, gebeurtenis of trend. Deze plaats je in de as van het wiel. Vervolgens bedenk je de mogelijke directe gevolgen van dit verschijnsel of deze gebeurtenis. Deze worden dan gegroepeerd om de as heen als de spaken van een wiel. Dit zijn dan de zogeheten eerste-orde-effecten. Tussen deze effecten kunnen dan ook nog dwarsverbanden worden gelegd, zodat een verknoopt netwerk van effecten ontstaat.

Daarna herhaal je dit procedé voor de effecten van de effecten, de tweede-orde-effecten, voor derde-orde-effecten, vierde-orde-effecten et cetera. Meestal zijn drie of vier lagen genoeg om de mogelijke gevolgen van een gebeurtenis of trend in beeld te brengen. Op deze wijze kan je snel, een compact en visueel overzichtelijk netwerk in kaart brengen van mogelijke gevolgen van een besluit, of een nieuwe techniek, of een maatschappelijke trend.

Laat ik dit wat abstracte verhaal illustreren met een concreet voorbeeld; de voortschrijdende technische ontwikkeling. Een waarschijnlijk (maar niet zeker!) gevolg daarvan zou kunnen zijn dat de materiele welvaart verder zal stijgen. Een tweede waarschijnlijk gevolg is dat de meesten van ons langer zullen leven. Dat zijn dan 1e orde effecten. Tot zover is alles redelijk aannemelijk.

Dan komen we bij de 2e orde effecten. Bij stijgende welvaart zien we meestal dat het aantal kinderen per vrouw sterk daalt. Vrouwen krijgen dus minder kinderen en ze leven ook nog eens langer. Als de belangrijkste functie van de vrouw niet langer het baren en opvoeden van de kinderen is, zal dat waarschijnlijk weer gevolgen hebben voor de man-vrouw verhouding. De 2e orde effecten werken dan door in de waarden en normen in de samenleving. Dit vertaalt zich dan bijvoorbeeld in toenemende spanning tussen patriarchaal denkenden en conservatieven aan de ene kant en van progressieven en feministen aan de andere kant.  Maar niet alleen de man-vrouw verhoudingen zullen veranderen.

Als mensen langer leven en de welvaart stijgt, zal mogelijk ook het traditionele  huwelijk steeds meer onder druk komen te staan. Mensen zullen wellicht vaker scheiden en in hun langere leven vaker meerdere partners hebben. Dit heeft dan wellicht weer zijn uitwerking op de normen op seksueel gebied. Zeker als vrouwen zich meer ontworstelen aan de normen uit de patriarchale samenlevingen.

Misschien zullen ook de verhoudingen tussen de generaties veranderen.  Mensen zullen immers steeds meer gewend raken om nog lang om te gaan met ouders en kinderen die al niet meer tot hun eigen kerngezin behoren.  Kinderen zullen nog omgaan met hun ouders terwijl ze zelf ook misschien al in de zestig zijn en hun ouders in de 90.

Dit zijn voorbeelden hoe de technologische ontwikkeling kan doorwerken op sociaal gedrag en op de normen en waarden op gebieden als de verhouding man-vrouw, het huwelijk, seksualiteit, en de omgang tussen verschillende generaties.

Maar dan zijn we er nog niet. Een daling van de geboortecijfers zal ook gevolgen hebben voor de bevolkingsopbouw. Verdere daling van de geboortecijfers betekent wellicht een einde aan de bevolkingsgroei. Demografisch gaan we dan van een piramide naar een paddenstoel grafiek. Dit heeft dan waarschijnlijk weer gevolgen voor de consumentenvraag, criminaliteitscijfers (ouderen zijn tot op heden doorgaans minder crimineel), de behoeften aan educatie, gezondheidszorg etc. Dat zien we nu al in verschillende landen in de EU. En dat heeft weer gevolgen voor de omvang van de beroepsbevolking. Wellicht zelfs ontstaan er tekorten op de arbeidsmarkt, wat weer kan leiden tot een andere houding tegenover immigratie.

Minder mensen betekent een kleiner arbeidspotentieel en ook een kleiner militair potentieel. Dit heeft dan wellicht weer uitwerking op de internationale verhoudingen.  We zijn dan intussen al beland in de 3e orde effecten. Die effecten zijn nog onzekerder. Misschien worden die tekorten op de arbeidsmarkt wel gecompenseerd door de komst van robots, of wellicht ook gaan we helemaal niet langer leven, doordat euthanasie een geaccepteerd verschijnsel wordt, of doordat we intussen geteisterd worden door onbehandelbare ziekten en niet meer werkzame antibiotica.

les 45: we onderscheiden de effecten van een gebeurtenis in effecten van de 1e orde, 2e orde, 3e orde en zo verder.

les 46: het toekomstwiel is een instrument om in een CAS de mogelijke effecten van de effecten in kaart te brengen

Tot zover deze kennismaking met het toekomstwiel. Een eenvoudig maar vaak uiterst effectief instrument om de mogelijke toekomsten beter in kaart te brengen. In H 11 zullen we kennismaken met nog zo’n instrument. De toekomstenkegel.

Peter van der Wel  © 12015/20