H 12: Scenario’s

We komen nu bij het bekendste en misschien wel meest gebruikte instrument van de futuroloog: scenario’s. Er bestaan vele soorten scenario’s. We kennen allemaal het filmscenario, je kent wellicht ook de scenario’s van het CPB waarin ze aan de hand van economische modellen proberen te berekenen hoe het de komende jaren met onze economie zal gaan en je hebt misschien ook wel een kennisgemaakt met planningsscenario’s. Scenarioplanning is zelfs een aparte richting binnen het toekomstverkennen waarbij men probeert de plausibele toekomsten in beeld te brengen. Veiligheidshalve gaat het hier dan over korte termijn scenario’s tot hooguit 5 jaar vooruit. Je kent misschien ook wel de term doem- en droomscenario’s en de best case en worst case scenario’s. Er zijn dan ook vele dikke handboeken volgeschreven over het maken en gebruiken van scenario’s.

In dit hoofdstuk gaan we het hebben over een type scenario’s dat bekend staat onder de naam; exploratieve scenario’s. Dit soort scenario’s is bedoeld om de nog ongedachte en onverwachte toekomsten te verkennen. Dat gebeurt door je los te trekken uit bestaande denkkaders en je te bevrijden van hier-en-nu-bijziendheid. Het zijn dus zeker geen planningsscenario’s of voorspellingen van de toekomst. Het zijn scenario’s om je denken op te rekken en je beter voor te bereiden op de onzekere toekomst. Ze helpen je om te ontdekken wat je nog niet weet. Ook van dit soort scenario’s bestaan weer verschillende soorten. We zullen hier een eenvoudige variant bespreken die je ook als beginner eenvoudig kunt toepassen.

Je begint met het helder formuleren van je onderzoeksvraag. Bijvoorbeeld hoe staat mijn branche er over 10 jaar voor? Of waar moeten wij als gemeente rekening mee houden bij het opstellen van een meerjarenbegroting? Vervolgens ga je zoeken naar de twee grootste onzekerheden die relevant zijn voor jouw onderzoeksvraag. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Wat zijn de onzekerheden?  En hoe belangrijk zijn die voor mijn onderzoeksvraag? Het werkt het beste om dit met een gezelschap te doen, liefst ook nog eens afkomstig uit verschillende werelden, zodat je ook zoveel mogelijk verschillende invalshoeken krijgt. Je vraagt dan aan iedereen om zo veel mogelijk onzekerheden te bedenken. Wat zou er allemaal kunnen gaan gebeuren en hoe zeker is dat dan?  Vervolgens laat je iedere deelnemer die mogelijke onzekerheden plotten in een matrix met op de ene as de mate van (on)zekerheid dat dit zou kunnen gaan gebeuren en op de andere as de mate van impact die zo’n gebeurtenis zou kunnen hebben.

Laten we om dit enigszins abstracte voorbeeld wat concreter te maken de recente corona crisis nemen. Toen we daar net mee werden geconfronteerd was er nog veel onduidelijk. Al die vragen kon je toen terugbrengen tot twee cruciale vragen of onzekerheden. De duur van de medische crisis; hoelang het nog zou duren tot er een betrouwbaar vaccin of medicijn beschikbaar zou komen? en de duur en hevigheid van de maatschappelijke reacties op de medische crisis. Zouden we als samenleving en landen kiezen voor een permanente en volledige lockdown of zouden we toch zoveel mogelijk alles bij het oude (willen) houden?

We kunnen dan die twee onzekerheden in een assenkruis weergeven, zoals hieronder.

Dat levert dan 4 scenario’s op met in dit geval de volgende namen.

  • aanpassen (heftige lockdown, gedurende korte tijd,)
  • overbruggen (beperkte lockdown, gedurende korte tijd),
  • overleven (beperkte lockdown, gedurende lange tijd) en
  • transformeren (complete lockdown, gedurende lange tijd).

Vervolgens ga je deze 4 scenario’s invullen. Hier bestaan ook weer meerdere technieken voor. Je kunt dat bijvoorbeeld doen met het toekomstwiel (of impactwiel) dat we bespraken in H9. Die impact kun je daarna vertalen in een verhaaltje of een serie aandachtspunten.

Een andere misschien nog wel leuker aanpak is om meteen, de ‘the day in the life’ aanpak te kiezen. Hierbij beschrijf je zo beeldend mogelijk een dag ‘in het leven van’ ergens in de toekomst in elk van deze scenario’s. Afhankelijk van de doelstelling en de onderzoeksvraag kun je voor het uitwerken van de scenario’s dus allerlei verschillende aanpakken kiezen. Ook hier geldt weer dat het het handigst is om deze scenario’s met meerdere mensen tegelijk uit te werken. Durf hierbij je fantasie de vrije loop te laten gaan. Je kunt het letterlijk ‘zo gek niet’ bedenken. Daarom kun je – zeker bij de wat langere termijn scenario’s – inspiratie halen uit SF verhalen of films.

Het doel van deze exercitie is duidelijk. Probeer zo veel mogelijk onverwachte – maar niet onmogelijke – gebeurtenissen in kaart te brengen die invloed kunnen hebben op het onderwerp in je onderzoeksvraag. Dit soort scenario’s zijn dus niet bedoeld als toekomstvoorspellingen, maar zijn ook niet bedoeld om SF te beschrijven. Ze beschrijven mogelijke toekomsten.

dit hoofdstuk is nog in bewerking

les 48: er bestaan verschillende typen scenario’s: plannings scenario’s, ….   , en exploratieve scenario’s

les 49: exploratieve scenario’s zijn bedoeld om de onverwachte en ongedachte toekomsten te verkennen